De oorsprong van de kloekmoedige Chinese prestatiedrang

Een paar jaren geleden werd mij gevraagd waarom Chinezen altijd zo ijverig zijn. Toentertijd haalde ik mijn schouders op en antwoordde gemakzuchtig: “Weet ik veel”. Na een jaar in China te hebben gewoond heb ik dan eindelijk een uitgebreid antwoord klaarliggen. Bereid u maar voor, want hier komt ie dan hoor.

In de loop der jaren zijn vele filosofen met hun daarbij horende filosofieën de revue gepasseerd. Vandaag de dag is het Confucianisme één van de belangrijkste filosofieën in de Chinese samenleving. Het Confucianisme streeft naar stabiele sociale relaties en deugden, gebaseerd op een vast patroon van duidelijk beschreven wederzijdse relaties tussen de leden van een gemeenschap. Er zal harmonie heersen, zolang iedereen zijn eigen plaats behoudt. De vijf meest belangrijke relaties zijn, volgens het Confucianisme, de relatie tussen ouder en kind, tussen echtgenoot en echtgenote, tussen heerser en onderdaan, tussen oud en jong en tussen vriend en vriend. Respect en loyaliteit zijn de meest belangrijke deugden om deze relaties te handhaven.

Een Confucianistische samenleving staat gelijk aan een hiërarchische samenleving. Het Confucianisme schrijft voor dat je je aan de vastgestelde rollen moet houden. Iedereen, van hoog naar laag, weet waar zijn plaats is. Aanzien (status) speelt een zeer belangrijke rol in het Confucianisme, aangezien dit je positie in de hiërarchische samenleving bepaalt. dit is dan ook de reden waarom Chinese ouders hun kinderen zo hard aanpakken. Door het behalen van diploma’s kun je in rang stijgen.

Volgens het Confucianisme dient men te allen tijde respect voor de ouderen te hebben. Als je er dus al een aantal jaren op hebt zitten, heb je een streepje voor op de jongere mensen in de samenleving. Tenzij de leefjaren ontberende persoon in kwestie over een behoorlijke stapel significante diploma’s beschikt. Dat is dan ook een van de redenen waarom het zo ontzettend belangrijk is voor Chinezen om goed te presteren op school. Als een kind thuis komt met een 8 voor een proefwerk/tentamen wordt hen gevraagd waarom het geen 10 is. Kinderen worden mishandeld om hen te motiveren beter te presteren, zowel verbaal als fysiek. Dit is dus typisch chinees. Als het je enigszins bekend voor komt, mag je je hand opsteken. /me steekt hand op (minus het mishandelen).

Van kleins af aan worden kinderen geleerd dat zij respect moeten hebben voor ouderen. Ouderen tutoyeren en bij hun naam noemen is uit den boze. In de Chinese samenleving staat de relatie tussen de ouders en het ene kind meer centraal dan de relatie tussen de ouders. Volgens de Confucianistische leer behoren de kinderen te gehoorzamen en zich correct te gedragen. Ouderen worden nooit bij de naam genoemd. De naam van de rol van de betreffende persoon wordt gebruikt als naam.

Een ander belangrijk punt in de Chinese samenleving is gezichtsverlies, wat dus nauw samenhangt met aanzien, want: als je gezichtsverlies lijdt, verlies je aanzien. Als jouw kind er niks van bakt op school, dan ben jij als ouder de schuldige. Als kind heb je de taak om te voorkomen dat je ouders gezichtsverlies lijden door goed te presteren op school.

Hoewel het in een iets andere vorm is, kan er gesteld worden dat dit ook bij de Javanen een veelvoorkomende kwestie is. In het Engels noemt men het keeping up with the Jones’: heeft de buurman A een grote Amerikaanse koelkast gekocht, dan móet buurman B een koelkast van gelijke grote of zelfs een grotere kopen. Ook zonder ‘uitgedaagd’ te worden door derden, kiezen vele Javanen vaak voor het duurdere product. Simpelweg omdat het statusverhogend is. Vele Javanen vragen leningen aan om zodoende te kunnen pronken met hun (schijn)weelde.

Ik dwaal af. Enfin, volgende punt. Volgens de Chinese cultuur zouden Chinezen ook niet vies van hard werken moeten zijn. Dit heeft natuurlijk te maken met die onvermurwbare prestatiedrang; iets waar de typische Chinees enorm veel waarde aan hecht. Je zou hard moeten werken om iets te bereiken, met als doel een trede op te klimmen in de hiërarchische samenleving. Dit geldt echter enkel bij individuele prestaties. Als men moet samenwerken, werkt men vaak minder hard dan men zou willen werken. Om de harmonie niet te schaden, dien je even hard te werken als je collega’s. Als je harder loopt dan een ander dan duw je de ander als het ware opzij. Je moet hetzelfde pad met de anderen volgen, niet te snel en niet te langzaam, zelfs als je weet dat je veel sneller kunt dan je doet.

Geen wonder dat die Chinezen zo slecht zijn in voetbal. 🙂

Kapitalisme in Wuxi

Lief dagboek,

Alles goed? Het spijt me vreselijk dat ik maandenlang niets van me heb laten horen, maar wees niet boos, ik heb een goed excuus: ik was de sleutel van het slotje kwijt. Sorry.

Had ik al verteld dat ik al een paar maanden in Wuxi woon? Het is een stad, gelegen op 130 kilometer ten noordwesten van Shanghai. Het is een oude industriële stad in de provincie Jiangsu in China met ongeveer 4.5 miljoen inwoners. De stad is groter dan de provincies Utrecht en Zeeland. Wuxi betekent letterlijk ‘geen tin’. Mooie stad met een rijke cultuur. Reden voor mij om die cultuur met volle teugen op te snuiven, al zal dat ‘volle teugen’ wel meevallen, gezien mijn aangeboren laziness.

Op 5 november, om een uur of 7.30, besloot ik bij de KFC te ontbijten. Geen andere tent was om die tijd open, dus de keuze was snel gemaakt. Terwijl ik genoot van een heerlijk smeuïge en slijmerige rijstepap, werd ik per telefoon lastig gevallen door Maurice en Yan, in Beijing woonachtige maar op vakantie in Wuxi zijnde medestudenten van TMA, die vroegen of ik mee wilde op een toer door Wuxi. Maanden geleden was ik dit al van plan, maar mijn luiheid belemmerde mij om zodanig te handelen. Dat mijn Mandarijn niet toereikend genoeg is, is eigenlijk de grootste belemmering, maar daar wil ik het liever niet over hebben. Voorwaarde was, dat ik een kwartier later bij hun hotel zou moeten zijn. Vlug spoedde ik mij huiswaarts om mijn beertjespyjama en slippers te ruilen voor geschiktere kleding en gympen. Zoals de echte Tjinnoes betaamt, kwam ik zoals altijd te laat. Boze gezichten keken mij aan toen ik in de negenpersoonsminivan (door wat klapstoeltjes uitbreidbaar tot een twaalfpersoonsminivan) stapte, die ons door Wuxi zou vervoeren. Na een kwartiertje rijden haalden we onze tour guide voor de dag op, die zoals elke tour guide een megafoon in haar bezit heeft. Zelfs in een krappe minivan vond mevrouw de tour guide het nodig om te tetteren door dat apparaat, terwijl de verst zittende passagier op twee meter afstand zat.

Afijn. Na een half uur kwamen we aan bij een Boeddha-shop, ergens verstopt op een parkeerplaats achter een rij restaurantjes. Bij het betreden van de winkel, begroette een twee meter hoge en 3 meter brede Boeddha ons vriendelijk met een brede lach op het gezicht en een dikke buik op de buik. Onze tour guide vertelde ons dat mannen de Boeddha met hun linkerhand moeten aanraken en vrouwen hetzelfde kunstje moeten doen, maar dan met hun rechterhand. Dit zou geluk moeten brengen. Ik ben niet zo bijgelovig, maar om geen disrespect te uiten jegens meneer Boeddha en zijn volgelingen, deed ik maar gewoon mee. ‘Straat’ zoals ik ben, gaf ik onze grote vriend een ‘boks’ (voor de onwetenden: vuist tegen vuist, gebruikt als groet door de jeugd van tegenwoordig). Onze tour guide vertelde ons dat we wierrook en kaarsen moeten kopen omdat we dat nodig zullen hebben als we bij de 88 meterlange Boeddha zullen bezoeken. Prijs? Slechts 15 euro voor een pakje wierrook en een kaars, speciale set prijs. Wie dat koopt, mag met permanent marker “mafkees” op diens voorhoofd schrijven. Alhoewel, je moet er wel wat voor over hebben, wil je je religie op een zo goed mogelijke manier belijden. Ik hoorde iemand zeggen dat je geen goede Boeddhist bent, als je geen wierrook brandt bij de tempels. Ach, gun die lui wat winst, een euro of 14 winst per set. Mag geen probleem zijn, toch? Karma, blabla. Na vele pogingen van de verkopers en onze tour guide ons over te halen, reden we door naar Lingshan Dafo (Lingshan Buddha, zie Google.com), waar de 88 meterhoge Boeddha is gelegen.

Aangekomen bij Lingshan Dafo, werd ons verteld dat ons om 10 uur iets moois te wachten stond. Het zou gebeuren bij een reusachtige metalen pilaar met bovenaan een lelie, waar een kleine Boeddha in zit verstopt. Om 10 uur zou die Boeddha dan te voorschijn komen. Dat het een showtje zou worden, voelde ik al aankomen, maar dat het een heus spektakel met fonteinen en muziek zou zijn, had ik niet verwacht. Met Pirates of the Carribbean-achtige muzikale begeleiding leek de lelie te bloeien. De fonteinen spoten met veel geweld het water omhoog, alsof de lelie in de fik stond. De pilaar staat in het midden van een fontein, waar omheen acht kleinere fonteinen heen staan. Tot mijn verbazing sprintten velen richting de fonteintjes zodra er water uit kwam. Flesjes werden gevuld, gezichten werden gewassen, met fonteinwater gevulde bekers werden leeg gezopen. Cultuurschok! Is dit water dan echt zo heilig? Of de beelden van Boeddha heilig zijn, weet ik ook niet. Niet zeuren, gewoon meedoen. Ik heb mijn wijsvinger nat gemaakt met dat ‘heilige water’, dat is wat mij betreft voldoende. Voor de mensen die hun lege flesjes zijn vergeten mee te nemen, kunnen lege flesjes kopen voor een liefdadigheidsprijsje van 2 euro. Een flesje water kost hier 25 cent. Even ter vergelijking. Voor de rest gepolijste beelden. Glad geschuurd door alle ruwe handen van al die mensen. Zie foto’s.

Na de show liepen we langs andere Boeddha beelden, zie foto’s: Boeddha muur, Boeddha met kids, Boeddha’s hand, etc. Na vele standbeelden te hebben gezien en langs véééle winkeltjes te hebben gelopen, werd het dan eindelijk tijd voor het echte werk. Een negenennegentig treden tellende trap doet mij verlangen naar een roltrap, maar de 88 meterhoge trap Boeddha vaag op het achtergrond in het verschiet gaf mij de energie om de trap te trotseren. Met drie treden per stap sprong ik de trap alsof bloedhonden mij achterna zaten. Uitgeput zocht ik een winkeltje om een flesje water te kopen. Had ik maar ook dat ‘heilige water’ bij de fontein in een flesje opgevangen.

Lunchtijd. Eindelijk wat voedsel naar binnen werken; de rijstepap vulde niet echt. We werden gebracht naar een openlucht min vijf sterren restaurant, waar men het gore lef heeft om nog 20 yuan te vragen voor een klein foambakje gevuld met groen/rood/bruine diarree. Althans, zo smaakte ‘t. De daadwerkelijke reden dat we daarheen werden gebracht was dat we bij een of ander pearl centrum parelsieraden en parelcosmetica (skin whitener) konden kopen. Qua prijzen, uiteraard opnieuw afzetterij (op andere plaatsen is precies hetzelfde product ).

Toen werd het tijd voor the Turtlehead Peninsula, waar we met een grote boot heen werden gebracht. Het is een schildpadvormig eiland, gelegen in het noorden van Tai Lake (Tai Hu). Na vele foto’s gemaakt te hebben van vele beelden kwamen we uit bij een tempel, één van de 1 miljoen in een straal van vijf kilometer. Omdat iedereen muntjes aan het gooien was op de over elkaar houdende armen van een ongeveer 20 meterhoge uit hout gesneden Boeddha, besloot ik maar mee te doen. Vol vertrouwen nam ik een aanloop om mijn mao muntje (ongeveer €0,012 waard) in de goal te gooien. Gescoord, hoera. Nu mag ik een wens doen, heb ik mij laten vertellen. Wereldvrede! Of iets anders, een wat egoïstischere wens.

Na Yuantouzhu (Turtlehead Peninsula) werden we gebracht naar een aardewerkfabriek voor een demonstratie van hoe je kunt controleren of je theepot ‘echt’ is. Door gebruik te maken van natuurkunde proberen zij de klant over te halen tot aankoop. Een theepot die kan blijven drijven in water zou misschien handig zijn in New Orleans of Bangladesh, maar in andere gevallen, wat heb je eraan? Verder wel leuke producteigenschappen hoor, bijv. een deksel die er door luchtdruk niet afvalt tijdens t schenken, etcetera, maar op de markt is het goedkoper (eentje gezien van 18 yuan voor een complete set). Oh, maar dan is t niet echt. Functionaliteit versus authenticiteit.

Kortom, leuke dag meegemaakt, mooie foto’s geschoten, opvallende zaken waargenomen. Begrijp me niet verkeerd, ik heb niks tegen commercie of handel, integendeel, anders had ik geen Trade Management for Asia als opleiding gekozen. Ik vind het alleen jammer dat het culturele erfgoed zo wordt misbruikt. Wat mij betreft, verdwijnt het hele authentieke aspect als je op elke hoek een winkeltje hebt en als je elke minuut wordt geconfronteerd met geld. Sinds de Chinese revolutie wordt er hier alles aan gedaan om het commerciële aspect te implementeren in elke activiteit denkbaar. Ik gun onze tour guide best de commissie die zij ongetwijfeld zal ontvangen voor elke aankoop, door één van de door haar geleverde klanten, maar dan moeten de prijzen wel redelijk zijn. Die verkopers met hun abnormaal hoge prijzen kunnen van mij ‘the finger’ krijgen, en ze mogen zelf kiezen welke, de linker of de rechter. Het is allemaal jammer, maar desalniettemin begrijpelijk. Velen zijn blijkbaar gek genoeg om een leeg flesje voor 2 euro te kopen. Dat is de magie van vraag en aanbod. Leve het kapitalisme!

Universiteit, bopomofo en goedkope lunch

Wees voorbereid. Het volgende artikel gaat dodelijk saai worden. 🙂

De tijd gaat snel, de tijd gaat hard. Time flies when you’re having fun, is wat men zegt. Ik heb nu bijna twee weken school erop zitten en het gaat vrij goed. Althans, dat vind ik, wat de juffies vinden weet ik niet. Eindelijk kan ik zeggen dat ik op uni heb gezeten. Stoer zeg. Ik woon nu ook al bijna drie weken in ‘t appartement. Nieuwe apparatuur en andere benodigdheden kosten een hoop duiten, maar aangezien het producten zijn die je gewoon nodig hebt, is ‘t ‘t wel waard. We blijven hier natuurlijk wel 10 maanden. Aangezien het huis binnen 24 uur weer stoffig is (aan de overkant zijn ze nieuwe flatgebouwen aan het bouwen), is een stofzuiger geen slechte aankoop. Een waterkoker voor de noodles en warme dranken is ook noodzakelijk. Hetzelfde geldt voor pannen, lampen, stekkerdozen, etcetera.

Laat ik maar iets vertellen over school. Onze studie op Beijing Gongye Daxue (Beijing Industry University) bestaat uit twee delen: Mandarin en Business Courses. Mandarijn is weer onderverdeeld in twee vakken: zonghe (grammar/comprehensive) en kouyu (spreekvaardigheid). Alle lessen worden in het Mandarijn gegeven. Het lijkt op het eerste gezicht moeilijker dan het is, maar ze gebruiken simpele woorden die je wel moet begrijpen na al die jaren. Business Courses bestaat uit vier onderdelen: Business Environment in China, Legal Dimensions of the Chinese Business World, Business Management in China en Chinese culture. Deze lessen zijn in het Engels. Althans, voor zover je hun taaltje Engels kunt noemen. Voor elk onderdeel dienen wij een essay te schrijven en als het goed is krijgen we voor deze vier onderdelen geen schriftelijke overhoring, enkel een soort uitgebreide opstel als opdracht. Schrijven doe ik graag, dus dat wordt geen probleem, hoop ik.

Hier in China hoort iedereen ook een Chinese naam te hebben. Mijn achternaam is vertaald naar Jin, wat goud of geld betekent. Mijn voornaam, Marco, is door mw Sissy Yeung vertaald naar Ma Gao, wat Paard Hoog betekent. Veel boeit het niet, want westerse namen worden hier gewoon fonetisch vertaald. Gewoon niet letten op de betekenis. Mijn derde naam, Njoek Khong, kan wel goed vertaald worden naar Yong Gong, wat Altijd Succes betekent. Ook wel weer leuk, maar als de docenten me zo noemen, zal ik waarschijnlijk minder snel reageren.

Om een nog onbekende reden ben ik van de a-klas naar de b-klas verplaatst. Dit heeft niets met niveau te maken, dus ik hoef me nergens zorgen om te maken. Nog niet. Mijn nieuwe klas heeft een hoog TMA-gehalte, acht van de tien studenten zijn TMA’ers. Of dat een goed teken is, weet ik niet. Nu ik in een andere klas zit, heb ik kennis gemaakt met een andere docente voor zowel spreekvaardigheid (kouyu) als grammatica (zonghe). Kouyu stelt tot nu toe vrij weinig voor. BoPoMoFo (Chinees alfabet ofzo) hebben wel al drie jaar geleden gehad. De tonen snappen we nu wel zo ongeveer. Vandaag hadden we een ongelooflijk nutteloze opdracht waarbij je van Chinese klanken Chinese woorden moet maken. In principe was het dus gewoon de ‘u’ vervangen met een ‘w’ en de ‘i’ vervangen met de y. Klank ‘iao’ wordt woord ‘yao’, klank ‘uei’ wordt woord ‘wei’, klank ‘iong’ wordt ‘yong’. Het zal vast nut hebben, maar ik weet niet wat.

Genoeg geklaag over kouyu, nu maar klagen over zonghe. Die docente zonghe van mijn vorige klas praat ontzettend snel, alsof ze een XTC-pilletje heeft geslikt, terwijl je op laag niveau rustig hoort te praten. Aangezien ik geen les meer van haar heb, boeit ‘t nu niet zo. Bij deze andere docente zonghe heb je wel weer dat ze op een rustig tempo praat. Nadeel is dat je alle dialogen uit je hoofd voor de klas ter gehore moet kunnen brengen. Aan de ene kant goed omdat je dan de phrases beter kunt gebruiken in real life, maar aan de andere kant is het ook zoveel stampwerk om weinig belangrijke phrases.

Vandaag zijn we met een redelijk grote groep (15 man?) bij de kantine van Beijing Gongye Daxue wezen lunchen. Een flinke kom rijst met courgette, kip, champignons met oestersaus kost slechts 50 eurocent. Het smaakt niet supergeweldig, maar het is ook zeker niet vies. Het is niet iets waar je elke dag naar toe zou gaan, maar een aantal keer per week is zeker niet ondenkbaar. Ze hebben nog veel meer gerechten om uit te proberen. Geweldige prijs/kwaliteitverhouding. Geweldige stad. Geweldig land.

Stalkers en aanranders

Openbaar vervoer
Degene die met het geniale idee kwam om de steunstangen hoog op te hangen, zou een Nobelprijs moeten krijgen. Dankzij deze uitvinding kunnen de heerlijke okselsappen optimaal verdampen in de heerlijke lucht van de metro. Ongedouchte mannen, riekend naar de odeurs van natte hond, vuilnisbelt en kots tegelijk. Een subtiele aroma van een natte handdoek die drie weken lang in de hoek heeft gelegen, banen zich een weg naar mijn neus. De geurreceptorcellen, hoog in de neusholte, slaan op hol met acute misselijkheid als gevolg.

Ook is het in de metro mogelijk om te oefenen om je evenwicht te bewaren. De ruimte is dusdanig beperkt dat je op één teen moet staan. Het is dus een uitermate geschikt vervoersmiddel voor ballerina’s.

De pedofielen en aanranders van deze wereld kunnen genieten van mogelijkheid tot legaal aanranden van zowel jongens als meisjes. Tijdens de rit grijpen de passagiers alles wat ze grijpen kunnen: de hoge horizontale rekken, de verticale rekken, handvatten, rugtassen, armen, benen en af en toe wordt er wel eens gegrepen naar andermans kruis, per ongeluk of niet, Joost mag het weten.

Per metrorit betaal je €0.20, ongeacht de afstand. Als je dus de hele dag ondergronds blijft, betaal je ook slechts €0.20. Zodra je het perron verlaat, kun je niet meer terug zonder te betalen. Althans, niet legaal. Gezien de lage reiskosten is het, ondanks de opofferingen, wel te doen om een paar keer met de metro te gaan. Zo slecht is het ook weer niet, tenzij je geen gasmasker hebt. Ook dien je een beetje body te hebben, want anders word je zonder pardon opzij geduwd, met als gevolg dat je nog net een teen aan de grond kan krijgen. Bij het instappen moet je ook een aanloopje nemen om vervolgens de metro in te springen, want anders kom je er niet in. De grootste grap is dat ik de spits nog niet heb meegemaakt en nu al.. Dus laat staan..

In de bus is het bijna hetzelfde. Het enige voordeel is dat er wel één raampje wordt opengedaan, in tegenstelling tot de metro. Een nadeel van de bus is dat het daar nog drukker is dan in de metro. Daar is het pas echt volop aanranden. De kosten per busreis: 0.40 yuan, is €0.04. In de bus heb je vaak een persoon die kaartjes verkoopt voor bepaalde toeristische trekpleisters. “Doorlopen naar achteren” wordt vaker geschreeuwd dan “Ik verkoop kaartjes”.

Stalkers
Ze zijn overal: voor me, achter me, links van me, rechts van me en af en toe zelfs onder me; ze achtervolgen me! Voorzichtig kies ik mijn pad langs de objecten alsof het landmijnen zijn. Kunnen al die Chinezen hun neus niet op een wat beschaafdere manier reinigen zonder anderen kotsneigingen te bezorgen? Zijn tissues dan echt zó duur? Uit onderzoek blijkt dat tissues bij de supermarkt om de hoek gemiddeld €0,25 per pak van tien pakjes kost. Ik kan niet in de portemonnee van de betreffende personen kijken, maar als China daadwerkelijk wil dat men ophoudt met het roggelen, zal het tissues moeten subsidiëren. Het schijnt dat er nu een wet is aangenomen dat in het kort inhoudt dat niemand meer mag roggelen. Blijkbaar werkt het niet echt, of was het voorheen nóg erger?

Nutteloze baantjes
Omdat de arbeidskosten in China laag zijn, kunnen veel werknemers worden aangetrokken om betere service te verlenen aan klanten (al lukt het niet altijd). Hierdoor ontstaan vele, met alle respect, nutteloze baantjes. Even een voorbeeld: laatst gingen we met de gang naar Hai Die Hong (Oceaan Vlinder Rood, ofzeau), een restaurant dat zich op de derde verdieping heeft gevestigd. Het is een restaurant, geopend door een Singaporese platenmaatschappij, waar je kunt genieten van live optredens. Best goede zangers hoor, alleen die songs zijn wat minder, ieder z’n meug. In ieder geval, in de lift treffen we een vrouw met een jas aan. Eerst dachten we dat ze gewoon naar boven wilde, maar toen we voor de tweede keer daar gingen eten, stond ze er weer. Wat bleek? Ze was de liftknopjesbediener van dat gebouw. Zij staat dus de hele dag in die lift. Wat een eer. Dit snap ik dus niet, want als je echte service wil bieden, dan moet je die vrouw verbieden om te bellen tijdens het werk en wellicht iets herkenbaars aan te laten trekken waar het logo van het gebouw, of iets dergelijks.

We hebben in ons flatgebouw één bewaker bij de deur en nog eens twee bij de twee poorten. ’s Nachts, tijdens hun dienst, slapen ze allemaal. Ik heb het verschillende malen getest. Als je toch slaapt tijdens je dienst, wat doe je er dan? Eentje stonk overigens naar alcohol, maar dat ter zijde. Ook leuk om te melden, die bewaker die er overdag wel eens staat, schat ik in op een jaar of 15.

Teveel werknemers in dienst hebben die geen kennis van hun eigen branche hebben, vind ik ook nutteloos. Best hoor, als je een paar werknemers wilt ‘opleiden’ waarbij ze al doende leren, maar dan moet je wel een soort meester/juffie hebben die wel kennis van zaken heeft.

Er zijn nog wel meer nutteloze baantjes, maar ik kan mijn eigen handschrift niet meer lezen van mijn notitieblok dus die hebben jullie nog van me tegoed. Lastig schrijven in de bus met die bumpy roads hier.

Manier van verkopen
Of je nou naar een markt, naar een mall of naar een winkelpromenade gaat, overal heb je iemand buiten staan die je verbaal naar binnen probeert te lokken. Wonder boven wonder trapt niemand erin. Soms word je letterlijk aan je arm de winkel in gesleurd. Geweldige verkooptechniek. Ik heb zelfs een keer meegemaakt dat een dame twee marktblokken, al aan de middel hangend, achterna werd gelopen door de verkoopster. Zo graag willen die lui verkopen. Het is geweldig.

Chinese muur
De Chinese muur is een indrukwekkend stuk kunst. Een kilometerslange muur die als bescherming zou moeten dienen tegen de nomaden. De Ming waren de grootste muurbouwers. Het meeste wat er vandaag de dag te zien is, zijn de overblijfselen uit deze dynastie. Ming werd geregeerd door Chinezen die de Mongoolse dynastie (Yuan dynastie 1271-1368) omver wierpen. Ze wilden zeker stellen dat de barbaren nooit meer zouden regeren over China, waardoor zij zeer wantrouwend en onverschillig naar de buitenlanders toe waren.

Vandaag de dag wordt nog steeds getwijfeld aan effectiviteit van de Chinese muur. De geschiedenis geschriften laten zien dat de muur meerde malen de nomaden hebben teruggedreven. Alleen wanneer een dynastie was verzwakt, werd het voor de invallers vanuit het noorden mogelijk om binnen te vallen, wat twee maal gebeurde. Tegenwoordig is het een geaccepteerd feit dat het effectiever is om diplomatiek met de vijand om te gaan, dan ze te negeren. Althans, zoiets vertelde die vrouw in de bus. Zij kan pas echt spitten. Aan één stuk door bleef zij letterlijk een uur lang door tetteren door die microfoon. Gelukkig heb ik mijzelf aangeleerd om te kunnen slapen zonder te letten op de geluiden om me heen. Daarnaast was ik ook vrij moe, aangezien we om 6 uur ’s ochtends werden opgehaald met een klein busje. Het was een dusdanig klein busje, dat we amper met z’n achten erin paste. Tot overmaat van ramp moest ik plaats nemen op een plastic krukje, die het ieder moment zou kunnen begeven.

Voor de minder sportieve mensen raad ik een bezoek aan de muur af. Door de bergachtige structuur is het louter een kwestie van trappen lopen. Ik hoor het Ali B al roepen: “..dat is goed voor vet verbranden..” Vlakke stukken kom je sporadisch tegen. Na een uur heb je het wel gehad met die trappen. Zeker bij een temperatuur van -6 graden. Te koud om te sporten. Een trede kan variëren tussen de 20 en 70 centimeter. De hellingen zijn zo’n 50 graden en op andere plekken zelfs 70. Het zou nog steiler kunnen zijn bij de andere delen van de muur, maar wij hebben slechts een klein deel bewandeld. Eigenlijk is ‘beklommen’ een gepaster woord, maar goed. Jammer van al die commercie erom heen. De pure stukken zullen vast verrr achter de bergen zijn. Desalniettemin blijft de muur indrukwekkend.

Tian’an men
De Verboden Stad is gelukkig een heel stuk gemakkelijker te bereiken vanaf ons appartement. Even de metro pakken en je bent er. Aan de voorkant zie je een grote portret van de vrolijke heer Mao.

Wij zijn er snel doorheen gelopen, en nog zonder gids ook, dus echt veel kan ik er niet over vertellen. Wat ik nog weet uit de boeken van de middelbare school is dat het rond 1400 is gebouwd en rond 1912 voor het laatst is gebruikt.

Nog iets leuks, bij de ticket office zijn we bijna erin getuind. Een man bood ons zijn tickets aan voor 30 yuan, terwijl ze bij de ticket office 40 yuan zijn. We vertrouwden het niet, omdat het ten eerste niet logisch is dat hij zijn tickets voor minder geld verkoopt en ten tweede zijn Chinezen in het algemeen niet te vertrouwen. Toen we bij de poort aankwamen, werden wij met onze geldige kaartjes wel toegelaten, maar een naïeveling die zijn kaartje tóch kocht bij die oplichter-dude niet. Geinig.

Wat opvalt
Chinese automobilisten zouden zonder claxon niet leven. Alsof er geen verkeersregels bestaan, racen ze langs elkaar. Buschauffeurs verwisselen van baan zonder te kijken of het vrij is. Eigenlijk geldt dit voor elke automobilist.

Vele mensen hebben mondkapjes op. Sommigen zeggen dat zij dit op hebben om de smog, anderen zeggen omdat de betreffende personen ziek zijn, maar zelf denk ik dat ze SARS hebben.

Er zijn vier automerken die echt vaak voorkomen: Mazda 6 en Honda Accord onder de particulieren en Hyundai en Volkswagen onder de taxi’s.

Cola wordt gemaakt van kraanwater, of de siroop is gewoon vies. Ook de Fanta smaakt weird; teveel sinaasappelsmaak. Sprite is eigenlijk de enige die een beetje normaal smaakt.

Hier in China heb je geen sambal; het is eerder een sausje. Ik mis sambal.

Tot slot
Nieuwe foto’s: klik.

Laat een berichtje achter!

Appartement gevonden!

Poosje geleden dat ik voor het laatst heb geblogd. Bij dezen bied ik mijn excuses aan aan al mijn fans. ^_^

Appartement
Na een aantal appartementen te hebben bezocht, hebben wij dan eindelijk een geschikte appartement gevonden. Niet te klein, niet te donker, niet te ver van school, in de buurt van de stad en midden in buurt met winkels (supermarkt, laundry, kapper, etc). Hoera, hoera, hoera. En het is helemaal dankzij Vivien a.k.a. Wu laoshi. Als ik ooit de 25% van haar niveau van Mandarijn beheers, ben ik al ongelooflijk blij. Zonder haar zouden we nu nog steeds in het hotel wonen, of misschien zelfs ergens in de goot. Nogmaals fei chang gan xie!

Ik kan wel een heel lulverhaal typen over hoe ons appartement eruit ziet, echter zeggen afbeeldingen meer dan woorden, dus…


Voorkant van het flatgebouw. Wij zitten op de 12e verdieping.


Mijn kamer zoals ie was toen we ‘t bezochten.


Even shoppen bij Carrefour: matras, kussen, deken, overtrek, lamp en nog wat kleine dingetjes (hangers van €0,07 ps).


Ik kan nog steeds mijn bed niet opmaken. ;(


Foto van de andere kant.


Woonkamer 1


Woonkamer 2


Woonkamer 3


Woonkamer 4


Woonkamer 5

Voor de liefhebbers, een filmpje: klik hier

Om mijn, en misschien ook wel jullie, euforie wat te temperen, kan ik ook wel wat kritiekpunten aankaarten. De badkamer is erg ongelukkig ingedeeld. De toilet staat 10 centimeter verwijderd van het doucheputje, terwijl de wasmachine aan de andere kant in de weg staat. De bedenker van deze indeling is vast een lui iemand: al poepend douchen en tegelijkertijd kleren wassen. Er is eigenlijk zat ruimte, maar het is gewoon slecht ingedeeld. Aanpassen kan niet, want een wc-pot ga je niet zomaar even verplaatsen. De wasmachine is reeds naar voren geschoven. Die staat nog steeds in de weg, maar in mindere mate. Een ander punt is dat ik wel drie stopcontacten in mijn kamer heb, echter zijn twee niet bruikbaar aangezien ze achter mijn bed zijn verstopt. Wat heb ik er dan aan?

Wat opvalt
Bijna alle winkels hebben twee keer zoveel werknemers dan ze daadwerkelijk nodig hebben. Het zit vaak bomvol met mensen bij bijv makelaarskantoren en het zijn dan vaak louter werknemers. Bij telefoonzaken is het niet anders. Zodra je de winkel instapt volgt een werknemer je alsof je ‘honing aan je reet’ hebt. Als je dan iets simpels vraagt, zoals: “xiaojie, zhe ge dianhua, duoshao qian?” (mejuffrouw, hoe duur is deze telefoon?), dan komen direct twee anderen eraan gestormd om ‘rugdekking’ te verlenen. Dit is niet eens het ergste van het verhaaltje: ik weet meer van telefoons dan die werknemers, terwijl ik me niet echt verdiept heb in telefoons. Als verkoper moet je gewoon weten wat je producten kunnen en wat de voordelen zijn van de ene telefoon ten opzichte van de andere telefoons. Slecht hoor.

Een uitzondering op de regel is Bank of China (Zhongguo Yinhang). Daar werken slechts twee mensen bij de balie, plus een bewaker, wat me direct brengt op het volgende punt: alle grotere winkels hebben bewakers en volgens mij is de gemiddelde leeftijd van die bewakers rond de 18 jaar. Ook in ons flatgebouw loopt een bewaker en naar mijn inschatting is ie drie jaar jonger dan ik. Die gasten zijn pas net zinderlijk (ik ook, maar ik ben geen bewaker) en dan gaan ze ons flatbewoners beschermen. Nja, ik weet niet door wie ze serieus worden genomen, maar iig niet door mij. Even een afbeelding om te laten zien hoe goed die gasten bezig zijn. Dit is een bewaker bij één van de grootste Bank of China gebouwen van Beijing. Ja, dat zie je goed: die gozer staat rustig een soapje te volgen.

Dan komen we bij het volgende punt, iets van 15 van de 50 zenders die wij kunnen ontvangen zenden bijna alleen maar soaps uit. Dat is blijkbaar hip in China.

Hier in China zie je veel elektrische brommers met een ingebouwde hometrainer. Het lijkt alsof je eerst een kilometer moet fietsen voordat ie start. Althans, je ziet al die Chinezen knetterhard trappen terwijl dat ding een motor heeft. Nieuw kosten ze ongeveer 1200 yuan (ongeveer 120 euro). Dat wordt even sparen. Anders een tweede handsje, want elke dag de taxi nemen zie ik ook weer niet zitten. Voor de wiskundigen onder ons zal ik wel even een formule opstellen: 10+((K-3)*2). Het starttarief is 10 yuan waarbij de eerste drie kilometer gratis zijn en vanaf dan is het twee yuan per kilometer. Dat betekent dat ik elke dag zo’n 30 yuan (€3) kwijt ben aan taxikosten heen en terug. Dan koop ik er liever vijf hamburgers voor bij de McD, even duur. 🙂

De meeste taxichauffeurs hebben een ernstig tongrol accent, waardoor je ze nooit verstaat. Als je zegt dat je niet verstaat (wo bu mingbai), dan herhalen ze op hetzelfde tempo wat ze eerder zeiden. Ook slikken ze de helft van de woorden in. Bijvoorbeeld Pingleyuan wordt Pinglerrr, Houxiandaicheng wordt Houxiandatj, etc. Beetje crappy voorbeelden, want als je de woorden vergelijkt, lijken ze best op elkaar, maar in het eggie is het toch echt anders. Het werkt dus voor geen drol. Zij verstaan mij niet, ik versta hen niet. Top.

Tips
Haal ergens een plattegrond van Beijing vandaan en bestudeer het goed voordat je een taxi instapt. Taxichauffeurs merken direct of je de buurt kent of niet. Als ze dus merken dat je de buurt niet kent, rijden ze volop rondjes waardoor ze extra kilometers scoren. Zorg er ook voor dat je aan de goede kant van de weg instapt. Een u-bocht maken ze zelden, dus dan rijden ze gewoon een heel rondje door de stad om om te keren. Vieze mannetjes wel, maar ja, het leven als taxichauffeur in Beijing is ook niet echt om over naar huis te schrijven. Ergens moet je er begrip voor hebben, al heb ik ‘t niet. Schurken zijn het!

Tenslotte
Ik heb nog een zooi foto’s gemaakt. Klik hier.

Laat een berichtje achter. Het is nog steeds gratis!

Tjinnoes op avontuur in China

Take off
Het was het luide gekrijs van mijn wekker dat mijn grootste avontuur (tot op heden) inluidde. Na maandenlange voorbereiding is het dan eindelijk zover: familie en vrienden gedag gezegd, koffer ingepakt met kleren, boeken meegenomen in mijn handbaggage om de negen uur durende vlucht toch enigszins nuttig te gebruiken, laptop volgepropt met films en series om even de lachspieren te trainen voor zover mogelijk (jawel, die spieren functioneren bij mij ook, alleen gebruik ik ze zelden), voldoende financiële middelen verworven, I’m ready to go. Alles was gereed, behalve het belangrijkste onderdeel: het vliegtuig zelf.

Fijn, door de dichte mist aan de westkust van Nederland, werden de vluchten richting London gecanceld. Aangezien mijn vlucht naar Beijing via Heathrow ging, zat ik met een probleempje. Het vliegtuig zelf is toch een cruciale factor om mijn avontuur in het onbekende China voort te zetten. Gelukkig was de familie Woen-A-Lien al om 8:30 op Schiphol, dus het enige dat ik, al wijzend naar Xiovan, hoefde te zeggen was: ‘utzelfde as hij hep’. Voor de duidelijkheid, Xiovan is mijn toekomstige roommate, tenminste, áls we een appartement vinden. De medewerkers van British Airways, as kind as they are, gaven ons nieuwe tickets (die later ongeldig bleken) van de Chinese luchtvaartmaatschappij China Southern Airlines, die op de één of andere manier verbonden is met KLM. Naast ongeldige tickets kregen wij een lunchbon ter waarde van 14,95 euro van British Airways, maar gezien de prijzen op Schiphol kun je niet verwachten dat je er echt veel voor kunt kopen. Na een aantal keren van het kastje naar de muur te zijn verwezen bij de KLM balies, kregen we dan eindelijk de geldige tickets van de hevig zuchtende baliejuffrouw van de ticket office. Hierna was het een kwestie van koffers inchecken en wegwezen. Het vliegtuig van China Southern Airlines vertrok pas om 21:25, terwijl die van British Airways om 10:40 zou vertrekken. Dat zou betekenen dat we al die tijd zouden moeten wachten. Geluk bij een ongeluk, want mijn in de buurt van Schiphol wonende tante Kiem was jarig. Nogmaals, gefeliciteerd tant!

China Southern Airlines
Bij het betreden van het vliegtuig werden wij vriendelijk begroet door een aantal Chinese stewardessen. Door ons Aziatische uiterlijk gingen zowel het personeel als medepassagiers er vanuit dat wij Mandarijn konden spreken, al zou het ook kunnen komen door onze meesterlijke uitspraak van de woorden: ‘ni hao’. 🙂 Ondanks dat wij stoelen 29a en b toegewezen hebben gekregen, werden wij gevraagd om te ruilen met de drie personen voor ons in stoelen 28 a tot c. De reden hiervan was onduidelijk, aangezien we geen bal verstaan van wat ze allemaal brabbelen in dat gekke taaltje van hen. Wel hadden we veel beenruimte, omdat we vlak naast de nooduitgang zaten. Onderuitgezakt een film kijken, leuk. Alhoewel, leuke films waren er niet. We hadden een eigen tv-scherm, maar ik heb er weinig aan als er niets leuks te zien was. Als Bananensplit-humor (op channel 5) de humor van de Chinezen van tegenwoordig is, gaat het een saai jaar worden met die Chinezen. Omdat de afstandsbediening van het tv-scherm pijltjestoetsen en XYAB-knoppen had, gingen wij er vanuit dat we konden gamen tegen elkaar, maar dat kon dus niet. Wat een teleurstelling.

We kregen iets later nog wel een etuitje met een tandenborstel plus pasta, twee pepermuntjes, ear plugs en een oogmaskerding (ofzo). Ook zat er een kam en scherpe punt in, een dodelijk wapen als je ’t mij vraagt. Ik dacht dat ze de veiligheidsvoorschriften hadden aangescherpt. Ik snap ook wel dat je in principe van bijna alles een wapen kunt maken, maar maak ’t die terroristen niet gemakkelijk!

Ook geinig, als die stewardess iets omroept weet je niet of ze nou in ‘t Engels of Mandarijn babbelt. Aan het eind van haar toespraak hoor je wel vaak ‘thank you’, dus ze zal wel een deel in ’t Engels gesproken hebben.

Minder geinig: het smerige vliegtuigvoedsel. China staat toch bekend om haar uitmuntende keuken. Waarom wordt er dan vieze drap met rijst en broccoli geserveerd? Die broccoli was trouwens echt een jaartje of 5 lang gekookt, want ’t was echt als puree, al lijkt het niet zo op de foto. Je moet ook niet veel verwachten van vliegtuigvoedsel, maar met enkele aanpassingen kun je met dezelfde ingrediënten een veel lekkerder gerecht bereiden. Daar ben ik van overtuigd.

In Nederland drink ik elke dag wel een paar kopjes koffie. Ik denk dat ik dat in China niet meer zal kunnen doen. Chinese koffie is fokkie! Echt hoor, wat vies. Chinezen kunnen geen koffie zetten. Overigens kwamen die stewardessen gedurende de gehele negen uur durende vlucht maar vijf keer langs om te vragen wat we willen drinken. Maar goed, ik ben dan weer te lui om zelf elke keer drinken te gaan halen. Mijn fout ook wel een beetje. Klein beetje.

Tijdens de vlucht had ik nog een oorlogje met een 9-jarig jongetje dat achter me de hele tijd tegen mijn stoel aan het trappen was. Na een paar keer boos naar hem te kijken, stopte het wel. Als blikken konden doden.. Ik wil zelf graag geloven dat het komt door mijn gemene Steven Seagal-blik, maar het zou ook goed kunnen komen door zijn moeder die hem een pak rammel gaf.

Om ongeveer 14:15 (GMT +8, 7:15 Nederlandse tijd) landden we op Beijing Airport, waar alle passagiers werden opgehaald in een bus, die erg leek op de moderne bussen die je in Nederland ook ziet, alleen zonder stoelen. Daarna moesten wij naar een ruimte waar je je paspoort en visum moet laten zien en een ingevuld papiertje moet inleveren, waarop staat wat je in ’t land komt doen. In hoeverre het nut heeft weet ik niet, maar als het is voor de statistieken is, kunnen ze het veel beter digitaal laten invoeren door de reizigers.

Taxi
Nu begint het avontuur dan écht. De meeste taxichauffeurs spreken geen Engels en die van ons was daar geen uitzondering op. In ons beste Mandarijn probeerden wij hem duidelijk te maken dat we naar het hotel van Beijing Home Inn bij Nongzhangwan Road wilden: “shi fu, wo men xiang qu zhe ge di zhi”, wat volgens mij betekent: “meneer, wij willen naar dit adres”. Wonder boven wonder begreep ie ons niet. Na tientallen malen te hebben gezucht, gepuft en getjoeriet, vond hij het dan uiteindelijk wel. Wat een avontuur. De kosten waren rond de 13 euro, inclusief 1 euro tol. We moeten nog bepalen of hij ons heeft opgelicht, want dat komt erg vaak voor, vooral als ze merken dat je een toerist bent.

De eerste tip is: als je ergens heen moet, zorg voor een in karakters geschreven adres. ’t Zou verstandig zijn om het ook in Pinyin erbij te schrijven, zodat je het voor kunt lezen. De tweede tip is: als de taxichauffeur vraagt of je er ooit eerder bent geweest, moet je zijn vraag beantwoorden met ‘ja’, want anders maken ze er misbruik van en gaan ze dus tien rondjes rijden voordat ze er zijn.

Rondlopen in Chaoyang district
Na even te hebben gedoucht, hebben wij rondgelopen in de straten rondom het hotel. De wijk Chaoyang is megagroot, dus eigenlijk zou je met de taxi moeten gaan als je alles wilt zien. We stapten binnen bij een DVD/VCD/CD-shop, waar films voor ongeveer €1,50 en albums voor €2,00 te koop zijn. Series, zoals Desperate Housewives, Lost, Heroes, etc zijn ongeveer €6,00. Dan heb je ook nog een koopjesbak waarbij films een eurootje kosten. Wetende dat al deze films, series en albums gratis te downloaden zijn, liepen we toch maar uit de winkel. Tot grote droevenis van de verkoopster, want het leek niet alsof ’t een drukbezochte zaak was.

Even later roken we aangebrand vlees, dus al snelwandelend verplaatsten wij onszelf richting de bron van de geur. We kregen een boek met foto’s van alle gerechten die zij te bieden hadden. Nergens zag ik een foto van saté of geroosterd vlees en eigenlijk kwamen wij juist voor dat vlees. Die jongen sprak geen Engels en bleef maar übersnel te lullen in het Mandarijn. We besloten om een bak garnalen te nemen, bakje rijst en wat groente. Lekker simpel, niet te uitgebreid. De garnalen waren heerlijk pittig door al die chili pepers. De groente, geen idee wat het is, smaakte naar zeep ofzo, maar dat kwam gewoon door het gerecht zelf, niet omdat het niet lekker is gekookt of iets dergelijks. Totale kosten: €2,25 per persoon. Ook gingen we even boodschappen doen, zie foto. Water, cola, chips, noodles. Totale kosten: €3,50. I love this country.

Wat opvalt
Het is niet zo koud als ik verwacht had. Het voelt qua weer alsof ik in Nederland ben. Het is hier ongeveer een graadje of 5. Vorige week was het hier -10 graden Celsius. Goede timing dus.

De automobilsten in Beijing hebben een aparte rijstijl. Met liefkozend geclaxoneer en vriendelijke gebaren van afkeur razen zij door het verkeer. Van rechts inhalen is hier blijkbaar niet verboden. In de dode hoek kijken hoeft niet, gewoon even claxoneren. Lekker laat remmen, geen probleem. Op de stoep parkeren mag, je krijgt zelfs hulp van parkeerwachtachtige mannetjes. Voetgangers krijgen hier geen voorrang, ook al lopen zij op het zebrapad.

Het is hier op straat vrij schoon. Ik heb weinig blikjes of ander afval op straat gezien. Wel dien je op te passen voor vieze roggels, want dat gebeurt echt om elke halve minuut. Als je tijdens een wandeling iemand wil inhalen en je hoort diegene al zijn snot naar binnen zuigen, dan is ie klaar voor de aanval en zal ie binnen twee seconden een lekkere roggel uitscheiden. Pas op.

Conclusie
Tot zover mijn verslag van de eerste twee dagen in China. De taal blijft lastig, maar als ik mijn zegje niet in ’t Mandarijn kan doen, doe ik ’t gewoon in het Nederlands. Het lijkt alsof ze het wel snappen. Komt wel goed dus. Vandaag gaan we op zoek naar een appartement, simkaart van China Mobile en nog wat andere dingen.

Laat een berichtje achter! Het is gratis!